Vanuit Viñales nemen we een bus het halve eiland over naar Trinidad. De reis is lang en het uitzicht eentonig. We rijden urenlang over een bijna uitgestorven snelweg. Soms is die tweebaans met nette markering maar vaker is het gewoon een brede geasfalteerde baan met hier en daar enorme gaten. En het aantal verkeersborden of bewegwijzering is echt heel schaars…


Vanaf de busstop in Trinidad lopen we het mooie koloniale stadscentrum in. Erg toeristisch en erg opgeknapt allemaal. Duidelijk UNESCO! De casa particular die we gereserveerd hebben ligt om de hoek van het centrale plein en is wederom een plaatje. Even douchen en uitrusten en er wordt ons een heerlijke maaltijd opgediend. Wat werkt dit toch mooi!


In tegenstelling tot wat ze ons in Viñales hebben gegarandeerd, blijkt Trinidad net als Viñales níet in het bezit te zijn van een pinautomaat. En das balen want convertibles kopen met je Visa bij de Casa de Cambio kost maar liefst 11% commissie. En daar worden we helemaal niet blij van…
Dus we kopen de noodzakelijke convertibles, zoeken een nationale-peso-bakkerij op voor een goedkope lunch en regelen bustickets naar Santa Clara voor de volgende dag. Dat is een redelijk grote studentenstad centraal gelegen op het eiland met, zoals onze reisgids belooft, wel een gleuf in de muur. Trinidad is bovendien maar een klein stadje dat we in een paar uurtjes hebben gezien. Nog een middagjes relaxen op het mooie strand van Península de Ancon en we hebben wel weer zin in een nieuwe bestemming! Tja je raakt snel verwend tijdens zo´n reis. smiley (Foto´s)